Wat is jouw mening?
Jij mag kiezen.
Zoet of zout?
Ik weet het niet, zeg maar.
Wat denk jij?
Geen idee, jij kan dat beter inschatten.

Ik heb een probleem. Ik kamp met een tekort aan meningen. Iedereen is altijd op zoek naar andermans mening. Ik kan de mijne maar zo weinig geven. En als ik ‘m al geef, voelt het alsof ik me geforceerd heb. Wat maakt mijn mening uit in een wereld die te kampen heeft met een meningenbubbel? Een inflatie van de mening als het ware. Ik denk alleen al aan reacties op HLN.be of stoerdoenerij op sociale media.

Er is gigantisch veel geblaat en veel te weinig wol. Als ik niet aan dat tweede kan bijdragen, maak ik er een punt van dat eerste tot een minimum te beperken. Of ben ik nu gewoon een mossel?

Ik kijk nochtans op naar mensen met een mening. Dat besef bekroop me toen ik vorige week een interview met Wim Helsen in De Morgen las. Daarin zei hij dit:

“Toch zou ik ook heel graag ongegeneerd en ongenuanceerd duidelijk stelling voor of tegen iets nemen. Wie dat kan, zet dingen in beweging. Bij mij ligt dat anders.”

Ja, bij mij ligt dat ook anders! De wereld waarin ik leef, is veel te ingewikkeld. De ene dag kan ik een stuk lezen in de krant waarin het mobiliteitsplan van Gent met de grond gelijk gemaakt wordt en denken: ‘Ahja, daar kan ik inkomen.’ De dag nadien lees ik een reactie op dat stuk waarin het mobiliteitsplan van Gent met passie verdedigd wordt. Opnieuw denk ik dan: ‘Ahja, daar kan ik inkomen.’

Het echte probleem ontstaat dan pas wanneer je afspreekt met vrienden in het Gentse en er twee te laat zijn omdat ze de stad niet in geraken. Het eerste wat dan tussen het gerstenat op tafel komt te liggen, is de kop van Filip Watteeuw, waar gezwind op wordt ingehakt. De genadeslag wordt bijna toegebracht wanneer alle ogen op mij gericht worden: “Freek, wat denk jij van dienen bietekwiet en zijn mobiliteitsplan?”

De mossel in mij probeert de boel wat te nuanceren zonder empathie te vergeten tonen voor de uitgesproken meningen die al op tafel liggen. Waarna de aandacht van mijn tafelgenoten al snel verslapt. “Ja, wie heeft er wel goesting om Watteeuw de genadeslag toe te dienen?”

Het lijkt me soms zo eenvoudig als je een uitgesproken – en dat is niet hetzelfde als een doordachte – mening hebt. Ik geef een voorbeeld. Als ik één zaak apprecieer aan mijn vader is het dat hij een duidelijke mening heeft. Ook al is die redelijk eenvoudig: Een mens is maar een goed mens als die links is. En dan bedoel ik niet linkshandig. Neenee, het hart zit links, je politieke overtuiging best ook. Er is één absolute waarheid die hij me sinds dag één heeft willen meegeven in dit leven – zet dit gerust onder de noemer indoctrinatie:

Alle tjeven hebben één eigenschap gemeen: ze waaien mee met de politieke wind

U interpreteert die stelling best niet al te eufemistisch. De subtekst klinkt ongeveer zo: “Zelfs weekdieren hebben meer kans om te bewijzen dat ze een ruggengraat hebben. Het oranje gespuis bestaat enkel uit opportunistische kieszakjes die alles liever in kleine, donkere kamertjes beklinken.” Ik denk dat mijn vader een kind is van zijn tijd. Hij gaat ervan uit dat die christelijke snoodaards nog altijd in het donker zitten. Ze kunnen nog wat extra verlichting gebruiken, met een hoofdletter V. Misschien moeten ze LED-verlichting eens uitproberen?

Ik moet zelfs niet vragen wat hij denkt over de nieuwe baseline van de Christen-democraten ‘Waar een wij is, is een weg’. Hij ligt te creperen van het lachen.

Ik vraag me af of de wereld voor mensen met een duidelijke mening ook eenduidiger wordt?

Wees krankzinnig eerlijk & reageer

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s